Periode: 1800 - 1863

Afmetingen: H: 10,0 cm B: 34,5 cm D: 28,0 cm

Inventarisnummer: V24095

In 1820 stichtte koning Willem I het Rijksmuseum van Natuurlijke Historie in Leiden. Verschillende bestaande naturaliënverzamelingen kwamen er in samen: die van de Leidse Universiteit, die van stadhouder Willem V en die van koning Lodewijk Napoleon. Ook een privéverzameling uit Amsterdam kwam in 1820 naar Leiden, en de eigenaar ervan, Coenraad Jacob Temminck, werd ook de eerste museumdirecteur. Het nieuwe museum groeide snel uit tot een van ’s werelds vooraanstaande zoologische musea

Toen in 1876 aan de Leidse Universiteit het Zoötomisch Laboratorium in gebruik werd genomen, kreeg het een onderwijscollectie samengesteld uit geschikte preparaten uit het Rijksmuseum van Natuurlijke Historie. Vervolgens is deze onderwijscollectie voortdurend aangevuld met preparaten die medewerkers van het laboratorium bij hun onderzoek verzamelden. Een keuze uit deze dierkundige rijkdom, die zich overigens moeilijk laat dateren, is in dit zaaltje opgesteld.

In loop van de 19de eeuw deed het medisch specialisme zijn intrede. Sommige geneesheren richtten hun aandacht niet meer op het gehele menselijk lichaam, maar slechts op onderdelen.