Het fantoom van Donders
2003_januari
Bijna alle dieren hebben ogen. Kleine of grote ogen; één,twee of vijftig stuks. Niet allemaal functioneren die even goed. Sommige onderscheiden ternauwernood licht van donker, andere nemen van honderd meter hoogte tussen het hoge gras een veldmuisje waar. Het ontstaan van het oog is één van de meest merkwaardige schakels in de evolutionaire ontwikkeling van dierlijke organismen die we kennen.
Ons netvlies, of retina, bestaat uit speciale cellen, de fotoreceptoren. Deze zetten beelden om in elektrische signalen die vervolgens vóórlangs via de oogzenuw naar de hersenen gaan. De plek waar de oogzenuw vast zit aan de oogbol, heet de kop van de oogzenuw of papil. Op die plaats zit geen netvlies; we spreken daarom van de blinde vlek. Da's hartstikke onhandig, want je ziet op die plek niets. Er zijn dieren waarbij de zenuwcellen rechtstreeks dóór het netvlies aan het oppervlak komen, en daar contact maken met de fotogevoelige cellen: efficiënter en zonder de hinderlijke blinde vlek.
De Nederlander Franciscus Cornelis Donders, in 1852 hoogleraar oogheelkunde in Utrecht en oprichter van het Ooglijders Gasthuis aldaar, heeft een belangrijk aandeel gehad in de ontwikkeling van de oogheelkunde. Hij werkte samen met collega's als de Duitsers Von Graefe en Von Helmholtz een groot deel van zijn wetenschappelijke carrière aan de onthullingen van de geheimen van het oog.
Hij publiceerde de allereerste tekeningen van het netvlies. Het fantoom dat Museum Boerhaave deze maand tentoonstelt, was hem daarbij van dienst: het hield het te bestuderen oog stil. Veel van de tijd van de oogheelkundige pioniers is gaan zitten in de verklaring voor de wijze waarop het oog draait. Uiteindelijke schreef Donders er een wet voor. Simpel gezegd luidt die: het oog, hoe het ook beweegt, houdt altijd de juiste oriëntatie aan. De hersenen corrigeren voor de wijze waarop het oog een bepaalde positie heeft bereikt; bijvoorbeeld eerst naar boven bewegend en dan naar rechts, of eerst naar rechts en dan naar boven. Het is Donders geweest die de verbinding tussen hersenen en ogen inzichtelijk heeft gemaakt.
(2000, Wetenschapsmagazin Natuur en Techniek)