|
Microtoom, 1900-1925, R. Jung, Heidelberg
Inv V10130
De microscopische bouw van planten en dieren wordt bestudeerd aan de hand van heel dunne plakjes, coupes, uit de verschillende weefsels. Het snijden van coupes is soms heel eenvoudig, maar vaker een ingewikkelde bezigheid. Een plantenstengel, bijvoorbeeld, is geen probleem. Met behulp van een eenvoudig scheermesje kan een coupe gesneden worden. Bovendien is de plant opgebouwd uit cellen met een stevige celwand, die heel makkelijk te zien is. Dierlijke weefsels zijn heel wat lastiger omdat ze zacht zijn. Daarom worden ze eerst in een stevige huls van paraffine 'verpakt' of hard bevroren.
In 1892 ontwierp Jung dit stevige, tegen veel en ruw gebruik bestendige, microtoom. Het mes is bevestigd aan een draaiende arm en de voorwerpstafel met het preparaat wordt bij iedere zwaai automatisch omhoog geduwd. Er zijn twee uitwisselbare voorwerpstafels: één voor in paraffine ingebedde preparaten en één waardoorheen koelvloeistoffen geleid kunnen worden om het bevroren preparaat te koelen.
|